Wanda etc...
Leven en wonen met een hulphond
In de loop van de tijd zal dit verhaal steeds verder aangevuld worden.
Mijn levensverhaal start in 1983 in de buurt van Goes (Zeeland). Hoewel de eerste jaren zonder al te grote problemen verliepen bleek dat geen garantie
voor de toekomst.
Als klein meisje was ik erg bewegelijk, soms zelfs te bewegelijk zeker achteraf gezien. Een uiting voor die bewegelijkheid vond ik in het ritmisch
gymnastiek/turnen en paardrijden was ook een grote hobby. Ook toen al was ik leesfanaat en zingen in het Kerkelijk Kinder Koor was een mooi extraatje.
Op mijn 7e, we hebben het over 1990, ging er tijdens het turnen iets flink mis. Bij de afsprong van de brug met ongelijke leggers kwam ik verkeerd op een
schuivende mat terecht.
Bij de fysiotherapeut bleek dat er een klein botje (springbotje) van het hielbeen was afgegleden, met flink wat geweld is die weer terug op zijn plaats gezet
en ik werd verplicht om enige weken rust te houden.
Na die weken bleef ik last houden van mijn voet en enkel, het bleef dik en zeer pijnlijk en af-en-toe verkleurde het. Door de huisarts werd me verteld dat ik
me niet moest aanstellen en maar weer gewoon moest gaan lopen. Er was niks aan te zien volgens hem dus kon er ook niks aan de hand zijn.
De jaren daarna ging ik regelmatig door die enkel heen en elke keer weer hield ik nog meer pijn over als voor het verzwikken. Toch bleef ik maar doorgaan
met de gedachte “er is niks aan de hand”, dat had de huisarts me tenslotte al meerdere keren verteld. Na elke zwikpartij kreeg ik ook een aantal keer
fysiotherapie om de zwelling weer te verminderen en wat de huisarts ook zei, de fysiotherapeut was het daar niet mee eens. Volgens hem was er wél meer
aan de hand.
In 1994 zijn mijn moeder en ik verhuisd naar een stad op de grens van Zuid-Holland en Utrecht, mijn ouders gingen scheiden en ik was daar diep van
binnen eigenlijk heel blij mee. Een aantal maanden na de verhuizing vertelde ik pas waarom maar daar wil ik hier verder niet op ingaan.
Ook in deze plaats kon ik de huisarts regelmatig bezoeken door enkeldistorsies zoals ze dat zo mooi noemen. En hoewel de pijn vaak niet in verhouding
stond met het letsel kreeg ik altijd weer te horen dat ik gewoon door moest gaan. Dus dat deed ik ondanks alle pijn.
Wel werd in 1996 door de fysiotherapeute op papier gezet dat ik geen balsporten, atletieksporten of turnachtige dingen meer mocht doen omdat de
distorsies alleen maar vaker voorkwamen.
Toch bleef het een ramp om te bewijzen dat ik echt pijn had.
Om toch aan sport te kunnen doen deed ik inmiddels zeer actief aan wedstrijdzwemmen binnen de Nebas-NSG (later Gehandicaptensport Nederland) en
speelde ik badminton en tafeltennis vanuit de rolstoel. Omdat dansen altijd al een passie was ben ik ook gaan rolstoeldansen. Iets waar ik nog altijd veel
plezier uit haal.
Bij het rolstoeldansen kwam ook het eerste lichtpuntje in zicht: iemand herkende mijn klachten als Posttraumatische Dystrofie en daar kende zij een goede
arts voor.
In 2000 ben ik bij die arts terechtgekomen in het ziekenhuis in Hilversum. Binnen 10 minuten wist ik waarom ik al jaren last had van mijn voet en hoe het
heette en wat we er aan konden doen. Helaas bleken door de lange tijd van klachten de behandelingen niet aan te slaan en na ruim een half jaar was ik
technisch uitbehandeld. Ik ben de revalidatie ingegaan in De Hoogstraat en kon na 13 weken intensieve therapie weer genoeg om aan de studie te gaan.
Helaas hield de progressie die ik geboekt had door miscommunicatie met de weekendarts niet lang aan en uiteindelijk ben ik verder gaan kijken in het
circuit van behandelaars.
Zo ben ik in Sliedrecht beland en van daaruit naar Rotterdam doorgestuurd. In Rotterdam werd de diagnose Dystonie erbij gesteld en bleek de Dystrofie
inmiddels in mijn hele lichaam te zitten. Een behandeling voor de Dystrofie was niet meer mogelijk maar de Dystonie zou zich makkelijker moeten laten
overwinnen. Het is namelijk een neurologische aandoening en daar kan genoeg tegen verzonnen worden, was de gedachtegang daar.
Helaas reageerde ik niet voldoende op tabletten en dus werd ik doorgestuurd naar het LUMC. Bij prof. dr. Van Hilten gekomen bleek mijn enigste optie (we
zitten nu in 2005) een ITB, Intra Thecale Baclofenpomp, de proef werd gestart en de hoop was hoog.
De hoop bleek gelukkig niet voor niets, bij de proefplaatsing bleek ik een zeer goed effect te hebben en dus werd de definitieve plaatsing ingepland.
Door wat OK-troubles en een Neurochirurg die ziek werd ben ik uiteindelijk op 3e kerstdag 2005 geïmplanteerd. Een verademing!
Na ruim een week ziekenhuis mocht ik door naar het revalidatiecentrum, ik moest leren omgaan met slappere spieren en heel rustig opbouwen met de
activiteiten die ik deed. Helaas ging er iets fout waardoor ik wel exact 3 weken gerevalideerd heb maar ik vanuit de revalidatie weer terug kon naar het
ziekenhuis, de catheter die in de intrathecale ruimte was geplaatst was eruit “gegleden”...
Dat betekende opnieuw onder het mes en weer rustig opbouwen met de Baclofen. Na ruim 3 dagen mocht ik weer overeind en na 5 dagen ziekenhuis
mocht ik eindelijk weer naar huis. In totaal was ik 5 weken weg geweest, de jaarwisseling incluis.
Eenmaal thuis was het een kwestie van conditie opbouwen, helaas lukte dat niet al te goed door de hevige pijn die ik op dat moment al weer had door de
CPRS.
Bij een van de controles kreeg ik dan ook te horen dat ik diezelfde dag opgenomen kon worden om een infuus tegen de pijn van de CRPS te krijgen. Via
het infuus zou ik Ketamine, een heel sterke pijnstiller, gaan krijgen voor 5 dagen.
Gelukkig werkte de eerste keer ontzettend goed dus kon ik eind 2006 al weer heel veel zonder moeite.
Op Koninginnedag 2007 laat ik Lance uit door de stad heen om zo ook nog wat van de verschillende optredens mee te krijgen. En daar gaat het mis.
Ik krijg een ontzettend hevige kramp en kan alleen met veel moeite nog thuiskomen waar ik gelijk ben gaan liggen omdat het zitten eigenlijk al onmogelijk
was. In eerste instantie gaan we er van uit dat het voor maximaal een paar dagen is maar na 2 weken lig ik nog verkrampt in bed. Zitten lukt niet en de pijn
word hoger en hoger waardoor de kramp alleen maar heftiger word. Gevalletje Actie Reactie en vicieuze cirkel, meer pijn = meer kramp = meer pijn etc.
Ïk krijg in 2007 nog 2 maal een Ketamine infuus waarvan de duur steeds iets langer word. Ik krijg de Ketamine dan ook al in Delft omdat Leiden niet meer
op korte termijn plaats heeft.
Eind 2007/begin 2008 kom ik eindelijk weer uit de aanval die bijna 9 maanden heeft geduurd. Bijna 9 maanden alleen maar liggen, geen uitjes met de
rolstoel en hond, geen genieten van het mooie weer buiten behalve door het open raam. Mijn enigste uitjes in die maanden waren met de ambulance naar
het ziekenhuis. Heel wat keren moest ik in Leiden komen om de pomp op te hogen. Heel wat keren is de HAP en de ambulance geweest omdat ik over de
kramp nog een aanval heen kreeg. 2007 gaat voor mij de boeken in als een gitzwart jaar.
LATER MEER VAN HET VERHAAL TOT NU TOE...